Berekening erfbelasting in Spanje

In Spanje kan men op twee verschillende manieren worden aangeslagen voor de erfbelasting:  op landelijk niveau waarbij de tarieven voor iedereen hetzelfde zijn of op regionaal niveau waarbij de tarieven en voorwaarden per regio heel verschillend kunnen zijn. Ondanks de onderlinge verschillen is het regionale belastingstelsel meestal veel gunstiger voor erfgenamen/begunstigden dan de landelijke regeling.De belasting die in Spanje betaald moet worden bij verkrijging van een nalatenschap wordt vastgesteld aan de hand van vier criteria:

1.  Waarde nalatenschap 

Allereerst moet worden vastgesteld wat de totale waarde van de nalatenschap is (bezittingen minus schulden) en wat de waarde is van de verkrijging van iedere erfgenaam en/of begunstigde.

2.  Relatie erflater en erfgenamen/begunstigden

Vervolgens moet worden vastgesteld wat de relatie is tussen de erflater en de erfgenamen en/of begunstigden. Deze relatie bepaalt hoe groot de vrijstelling is die de erfgenamen/begunstigden in dit verband kunnen claimen. Deze vrijstellingen verminderen de belastbare som van de verkrijging.

3.  Verschuldigde belasting volgens tabel

Daarna kan aan de hand van de tabel worden vastgesteld hoeveel erfbelasting verschuldigd is over de verkrijging minus de vrijstelling(en).

4.  Omrekeningsfactor i.v.m. vermogen vóór verkrijging

Tot slot is ook van belang hoe groot het vermogen is dat een erfgenaam/begunstigde al bezat vóórdat hij de erfenis verkreeg. Samen met de van toepassing zijnde relatiecategorie bepaalt dit vermogen met welke omrekeningsfactor het belastingtarief moet worden vermenigvuldigd. Voor relatiecategorie 1 en 2 is bij een vermogen tot Euro 400.000 de omrekeningsfactor 1,0 en verandert er dus niets. Voor categorie 3 en 4 is de omrekeningsfactor respectievelijk 1,6 en 2,0. Als het eigen vermogen tussen de Euro 400.000 en Euro 2.000.000 ligt, is voor categorie 1 en 2 de omrekeningsfactor 1,05. Voor categorie 3 en 4 is de omrekeningsfactor respectievelijk 1,7 en 2,1.

Voor erfgenamen/begunstigden die géén resident zijn in Spanje, telt alleen het vermogen dat zij in Spanje bezitten mee (de zogenaamde situsgoederen).

Zoals al eerder aangegeven, hebben de regionale Comunidades Autónomas de vrijheid afwijkende regelingen te hanteren. Deze autonome regelingen zijn vaak veel gunstiger voor erfgenamen dan de landelijke Normativa Estatal. Op deze regionale regelingen kunnen niet alleen residente erfgenamen aanspraak maken, maar sinds 2015 hebben ook niet-residente erfgenamen deze mogelijkheid. Alleen in het geval een Comunidad Autónoma geen eigen regeling heeft, wordt de landelijke Normativa Estatal nog toegepast.

Rekenvoorbeeld aan de hand van de landelijke Normativa Estatal 

Casus:  een Nederlander die in Spanje fiscaal resident is komt te overlijden en laat een erfenis na van Euro 350.000. Zijn 40-jarige zoon en enige erfgenaam is eveneens in Spanje woonachtig en beschikt over een vermogen van Euro 500.000. Hoeveel erfbelasting is deze zoon verschuldigd over de nalatenschap van zijn vader?

Nalatenschap 350.000
Vrijstelling kind ouder dan 21 jaar 15.957
334.043
Erfbelasting:  – Tarief tot  € 239.389 40.011
                       – Over meerdere:
                         25,5% van  € 94.654 24.137
64.148
                      – Coëfficiënt vermogen:
                         1,05 x   €  64.148 67.355