Nederlandse en/of Spaanse erfbelasting

Als een Nederlander komt te overlijden die bezittingen in Spanje heeft, dan moet er in Spanje altijd erfbelasting worden betaald. De nieuwe Europese erfrechtverordening bepaalt sinds 2015 weliswaar of het Spaanse of het Nederlandse erfrecht van toepassing is op zijn nalatenschap, maar heeft geen enkele zeggenschap over het erfbelastingsysteem dat in Spanje of Nederland gehanteerd wordt bij de afwikkeling van een nalatenschap. Men kan in een testament dus wel een keuze maken voor het Nederlandse erfrecht, maar men kan niet kiezen voor de Nederlandse erfbelasting in plaats van de Spaanse.
De Nederlandse fiscus gaat bij het heffen van erfbelasting uit van de “gewone verblijfplaats” van de overledene. Als de erflater dus in Nederland woonde, wordt zijn volledige nalatenschap door de Nederlandse fiscus belast. Dit geldt eveneens voor het geval de erflater in Spanje woonde, maar een keuze voor het Nederlandse erfrecht in zijn testament heeft laten opnemen.
De Spaanse fiscus daarentegen gaat bij het heffen van erfbelasting uit van de woonplaats van de erfgena(a)m(en). Als de overledene dus in Spanje woonde, maar de erfgena(a)m(en) in Nederland, dan wordt niet zijn volledige nalatenschap door de Spaanse fiscus belast, maar alleen de goederen die zich in Spanje bevinden (de zogenaamde situsgoederen).
Indien de overledene (met de Nederlandse nationaliteit) in Nederland woonde en in Spanje een vakantiewoning had, dan wordt er dus niet alleen in Nederland (over de gehele nalatenschap), maar ook in Spanje (over de waarde van de vakantiewoning) erfbelasting geheven. Dit zou betekenen dat de erfgenamen dubbele erfbelasting betalen over de waarde van de vakantiewoning. Om dit te voorkomen, verrekent de Nederlandse fiscus bij het vaststellen van de aanslag de in Spanje afgedragen erfbelasting met de in Nederland verschuldigde erfbelasting.